Duitse dataretentiewet in detentie
Het Duitse constitutioneel hof, dat de mooie naam Bundesverfassungsgericht draagt, heeft op 2 maart jongstleden de privacy van de Duitse burgers een belangrijke dienst bewezen. Op die dag schorste het namelijk de Duitse wet die bedoeld was om de Europese bewaarplicht te implementeren.
De bewaarplicht (afkomstig uit dataretentierichtlijn 2006/24/EG) , waardoor internet- en telefonieaanbieders in heel Europa verplicht worden om gegevens te bewaren over de communicatie door hun klanten, wordt al sinds de adoptie daarvan door vele rechtsgeleerden gehekeld, omdat het nut van dergelijke dataretentie nooit goed is onderbouwd en bij lange na niet opweegt tegen de nadelen.
Hoe dit Duitse vonnis voor de situatie in Nederland uit zal pakken, is nog te bezien. In de eerste plaats is het jammer dat de richtlijn zelf in de Duitse zaak buiten schot bleef, want als die kon worden vernietigd, was het ook in Nederland afgelopen geweest met de bewaarplicht. Maar de Duitse rechter toetste alleen de Duitse wet aan de Duitse grondwet en liet de mogelijkheid liggen om het Europees Hof van Justitie uitspraak te laten doen over de ‘grondrechtigheid’ van de richtlijn.
Het ‘Urteil’ van 2 maart zal echter ook op EU-schaal niet zonder betekenis blijven. Eurocommissaris Viviane Reding (Justitie) heeft al aangekondigd het nut en de gevaren van de bewaarplicht grondig tegen het licht te zullen houden en in dat onderzoek zullen de overwegingen van het gezaghebbende Bundesverfassungsgericht zeker (moeten) worden meegenomen. Datzelfde geldt overigens voor die van de Roemeense rechter van 8 oktober 2009, waarin de Roemeense bewaarplicht werd vernietigd.
Mocht de Commissie echter tot aanpassingen – of beter nog: schrapping – komen, dan zullen de regeringen van de lidstaten daarmee akkoord moeten gaan en de vraag is of enkele regeringen die voorstander zijn van de bewaarplicht en deze reeds hebben ingevoerd, zoals Frankrijk en Engeland, geneigd zullen zijn dat te doen.
Een neveneffect van het Duitse vonnis is daarbij wel dat de discussie scherp gevoerd zal moeten worden. Enkele van de eisen die aan de Duitse wet zijn gesteld (decentrale opslag, sterke beveiliging gelogde toegang, alleen bij in de wet zelf opgesomde misdrijven, geen datamining) zijn streng en betekenen hogere kosten voor de providers. Zeker in deze economisch moeilijke tijd zal het nut dat een dergelijke dure bewaarplicht rechtvaardigt, overtuigend moeten worden aangetoond. Het is zeer te hopen dat men zich zal realiseren dat er veel betere dingen zijn om in te investeren dan in privacyschending van de burger en dat na september de bewaarplicht in heel Europa eindelijk en definitief ten grave gedragen kan worden.
Over Matthijs van Bergen juridisch adviseur
Gespecialiseerd in telecommunicatierecht en met name de bewaarplicht, alsook grondrechten op internet.




Plaats als eerste een reactie!